U bevindt zich op: Home › Organisatie › Pps-renovatie Financiën
(bron: Atelier Rijksbouwmeester)
Het oude ministeriegebouw van Financiën was een ontwerp van Rijksbouwmeester Jo Vegter en Rijksgebouwendienstarchitect Mart Bolten. Hoewel het gebouw midden jaren '70 werd opgeleverd, heeft het een ontwerpgeschiedenis die begint in 1945.
Op de plaats van het huidige complex stond aan het Voorhout tot in de lente van dat jaar het Paleis van Justitie, het vroegere 19de-eeuwse paleis van prins Frederik. Dit gebouw werd verwoest in het zogenaamde Bezuidenhout-bombardement. Het erachter gelegen huis van bewaring werd slechts beschadigd. De eerste plannen van Rijksbouwmeesters Bremer en Friedhoff gingen uit van de bouw van een nieuw gebouw voor de rechterlijke macht. In de jaren '60 wordt dit plan verlaten en worden de plannen gewijzigd in een ministeriegebouw van Justitie, waarbij de penitentiaire inrichting zou worden gesloopt. Daarna kwam er een plan voor de huisvesting van twee ministeries: naast dat van Justitie ook dat van Financiën. Uiteindelijk wordt gekozen voor alleen het ministerie van Financiën.
Ingang Korte Voorhout
Ondertussen was Jo Vegter Rijksbouwmeester. Bolten was al vanaf de jaren '40 bij de planvorming betrokken. Uitgaande van de structuur van enkele eerdere plannen, komen Vegter en Bolten tot een ontwerp dat zich qua bouwhoogte schikt in de aansluitende historische bebouwing van de stad. Wat oppervlakte betreft werd echter een zeer grootschalig complex getekend. Met een relatief gesloten, strenge architectuur naar buiten (versterkt door het gebruik van onbehandeld beton in de gevels) en een open, transparante architectuur met groene binnenhoven aan de binnenzijde.
Grote binnentuin
Vegter en Bolten waren in wezen architecten die architectonisch een gematigd traditionalistische opvatting hadden, waarbij ruim plaats was voor haast ambachtelijke details. In het complex was dit terug te vinden in de grote en integrale zorg voor die detaillering, materiaalkeuze en kleurgebruik. Een stevig contrast met de architectuur van beide architecten tot dan toe is echter het gebruik van de vooral in het Verenigd Koninkrijk ontstane architectuur van het zogenaamde Brutalisme. Het gebruik van in het zicht blijvend gewapend beton en een zekere geslotenheid zijn enkele van de kenmerken. Binnen het oeuvre van de vooraanstaande architect Vegter, binnen het bouwen voor de Rijksoverheid maar zelfs binnen de hele Nederlandse architectuurgeschiedenis is het Brutalisme uiterst bijzonder. En ook omdat het uiteindelijke resultaat ook kwalitatief ver boven de middelmaat is, is enkel daarom al sprake van een cultuurhistorisch belangrijk complex.
Trap in centrale hal
De kwalitatief hoogwaardige status van het gebouw van Financiën werd
verder bepaald door de al genoemde afwerking en vormgeving van de interieurs,
die op hoofdlijnen nog bijzonder goed bewaard zijn gebleven. Ook de structuur
was van hoge kwaliteit, met lange vista's over de gangen die door 'pleintjes'
met plafondeilanden steeds werden onderbroken. Uiterst fraai en waardevol was
het effect van de grote vensters aan het einde van veel gangen. Sowieso was
bij het gebouw zeer essentieel hoe vanuit de gangen en werkkamers steeds
goede visuele relaties met buiten werden gelegd.
Ook de binnenplaatsen met hun speciaal ontworpen typische jaren '70/'80
tuinen boden een aantrekkelijk uitzicht. Overigens was voor het exterieur van
het gebouw, zowel aan de binnentuinen als aan de straatzijde, de relatief
subtiele detaillering van de ramen van belang.
Kleine binnentuin
09-06-2008
|
PDF bestand, 48 Kb